Amilak

 

Puymaurin, 6 april 2020



Donker en een steile helling naar boven. De volle maan gaf gelukkig wat licht bij, want de schijnwerpers van de Polaris schijnen maar in één richting en die gaan recht op de boom af en vlak voor de boom staat de Polaris plots stil. Vast. Modder tot halverwege de wielen. Ja, vast, heb ik weer. Mijn zoon springt meteen uit de auto, er zit toch geen deur in, dus dat is gemakkelijk. Hij durft niet naast zijn moeder te blijven zitten. Toch gek, want ik straal volgens mij al mijn vertrouwen over de gehele situatie uit. Oké, ik gil wel hard dat ik vastzit, maar dan nog… ik vertrouw mezelf nog best achter het stuur. Dan hoor ik ineens vanaf de berg een paard in galop aankomen. Zwart paard in donker is echt niet in een dergelijk tempo te zien, dus ik concentreer mij op het geluid en ik hoor dat het achter mij in donker weer verdwijnt tot onder aan de helling. Hoe kan dat nu weer, de kudde was toch in de andere vallei? Ik was even in alle commotie vergeten dat we Amilak, de zwarte woenstijn Arabier, inderdaad voor de gezelligheid bij Erik hadden gelaten, want Erik loopt het liefste op vlak terrein boven in de ruime voortuin van het huis. Ik ben altijd zo trouw in het sluiten van lintjes, maar nu dacht ik een keer: ‘ach, even naar beneden om Gizi, de hond, te zoeken. Die twee paarden stonden toch lekker te eten van de grote hooibaal, dus dat kon wel even’. Gizi is zoek, zij blijkt niet aanwezig in de afgezette achtertuin, toen we haar naar binnen riepen voordat ik naar bed zou gaan. Tenslotte is het al half twaalf geweest. Mijn zoon mag die avond opblijven, want zijn oma in Nederland is jarig en door de strenge regelgeving kan hij dit jaar niet naar haar toe.  Op naar buiten en ik start de bergauto, Polaris, we gaan Gizi zoeken.  Daar zit ik dan in mijn licht groene, cadeau gekregen, luchtige badjasje en mijn oude paardenlaarzen in de vastgereden Polaris. Het is werkelijk een foto waard, maar er was gelukkig niemand in de buurt met een toestel. Enfin, nog geen hond gevonden en mijn zoon verliest het vertrouwen in mijn rijvaardigheid. Dit dien ik wel te herstellen, vind ik, dus dat vertel ik zo. Een vriend is ook ergens op het terrein, hij was al eerder uitgestapt op geleide van de omgevingsgeluiden, misschien hoorde hij Gizi op één van de hellingen? Goed voorbereid gaat hij aan de klim beginnen, maar op mijn slip in de modder lijkt het hem beter dat hij terugkeert. Ook geen hond gevonden. Wel een zwart paard, roept hij, terwijl hij Amilak om de hals vliegt als ontmoeting. Ik loop naar hen toe met een halster en touw, misschien wel handig dacht ik. Grondwerk 3.0 is deze avond gestart. Nadat ik de Polaris rustig achteruit laat glijden, ‘techniek doet het werk’, hoor ik mijn neef Niels zeggen. 

Gelukkig heb ik cursus bij mijn neef gevolgd en kom ik, door precies te doen wat hij mij geleerd heeft en dus ‘de techniek het werk te laten doen’, weer los. Langzaam rijdend in de 4x4 klim ik de berg weer op, de helling haal ik deze keer wel. Mijn zoon stapt weer in en die vriend springt achter in de bak. Zoals ik al zei grondwerk 3.0 gaat van start door Amilak ons te laten volgen aan de leadrope. Ze had al een volle grondwerkdag achter de rug en deze avondsessie lag nou niet bepaald in de planning. Maar goed, ze moest toch weer terug mee de berg op. Ze doet het meer dan fantastisch. Ze loopt in een ontspannen drafje achter de Polaris aan, oftewel volgzaam aan de vriend in de achterbak die haar bemoedigend toespreekt. In vol vertrouwen in mijn stuurkunsten rijden de twee mannen weer met mij mee terug naar boven de berg op. We trotseren nog wat glibbers, overhangende takken en dan vind ik het echt te glad worden. Halverwege de laatste helling die ook nog helt naar de zijkant stop ik, voor mij is het genoeg zo. Ik heb inmiddels zelf geen vertrouwen meer in het materieel en ook niet in de techniek, de handrem doet het niet goed en daarom kan ik mijn voet niet van het pedaal halen. De Polaris mag niet naar achter rijden, want daar staat een paard 3.0! Dus via wat capriolen wisselen de vriend en ik van positie en hij rijdt met mijn zoon door naar boven en vervolg ik mijn weg met black beauty door het bos. Waanzinnig mooie momenten beleef ik daar met haar. Ze snuift, briest, volgt, voelt zacht en stampt met ferme stappen haar hoeven in de met blad gedekte gladde bodem van het zandpad verder omhoog. Wow, geef mij maar paardenkracht. Geen Polaris kan daartegenop. Vol vertrouwen lopen wij samen, met de nadruk op samen en voelend als één naar boven. De solarlichtjes branden bij aankomst bij het huis. Romantisch is het zelfs. Erik komt Amilak tegemoet met opgeheven hals en naar voren gespitste oren. Ja, de hereniging is een feit. We zijn allemaal weer boven op de berg. Paarden eten weer van het hooi, samen naast elkaar. Wij gaan met z’n drieën naar binnen, bij het open vuur, dat nog brandt. Maar waar is Gizi? Niet gezien! Wel een avontuur beleefd! Maar waar is onze witte grote waakhond? Toch nog eens in de achtertuin zoeken en wat blijkt….. ze loopt op het terras, waakzaam, zoals altijd als wij er niet zijn. Hoe kan dit? Niemand van ons heeft enig idee. Het is niet te verklaren! Het blijkt maar weer dat als je het niet ziet, dat het niet wil zeggen dat het er niet is. Dat vinden wij een proost waard. We vieren alles wat we kunnen vieren: alle dieren gezond en wel op het erf, wij gezond en een avontuur rijker. Onze band wordt steeds sterker in deze tijden van de lockdown in het buitenland, dat blijkt wel weer. We rooien het met elkaar en omdat de lockdown heeft bepaald dat er nu geen wijn in huis is om mee te proosten, schenken we een groot glas Panaché in. We hebben het fijn.

We slapen die nacht heerlijk …… 


Astrid Stijger, werkt en verblijft sinds kort op filiaal Zuid Frankrijk

D-Ranch Equine Living Center



Reacties